Wie in Zuidoost-Drenthe tuiniert, weet dat de herfst hier zijn eigen ritme heeft. De zandgronden rond de Hondsrug en in de veenkoloniale randgebieden drogen snel uit, houden weinig voedingsstoffen vast en reageren direct op het weer. Daarbij komen de eerste nachtvorsten in deze hoek van het land vaak wat eerder dan in het westen, omdat heldere, windstille nachten de warmte hier snel laten ontsnappen.
Met een goede voorbereiding in september en oktober leg je de basis voor een gezonde tuin in het voorjaar. Hieronder lees je wat je kunt doen, afgestemd op de bodem en het klimaat van deze regio.
Ken je zandgrond
Zandgrond is licht, goed bewerkbaar en warmt in het voorjaar snel op. Het nadeel is dat water en voedingsstoffen er gemakkelijk doorheen zakken. Vooral na een droge zomer is de bovenlaag vaak arm en stoffig. De herfst is het moment om daar iets aan te doen, omdat bodemleven dan nog actief is en de regen organisch materiaal helpt opnemen.
Veel zandgronden in Drenthe zijn bovendien van nature zuur. Dat is prima voor heideplanten, rododendrons en bosbessen, maar groenten en gazons hebben het liever iets minder zuur. Een eenvoudige pH-meting met een setje van het tuincentrum geeft je duidelijkheid voordat je gaat bekalken. Doe dat met mate, want te veel kalk breekt juist humus af.
Voed de bodem met organisch materiaal
Het beste wat je zandgrond kunt geven, is organisch materiaal. Werk in de herfst een laag goed verteerde compost of oude stalmest door de bovenste centimeters van je moestuin en borders. Graaf niet te diep: het bodemleven zit vooral bovenin en doet het meeste werk zelf.
Ook een groenbemester is op zandgrond een slimme keuze. Zaai je die vroeg genoeg, dan beschermt hij de bodem tegen uitspoelen en levert hij later extra humus op. Geschikte soorten voor deze periode zijn:
- Gele mosterd, zaaien tot half september
- Phacelia, trekt in het najaar nog insecten aan
- Winterrogge, kan tot in oktober worden gezaaid
- Facelia en klaver gemengd voor een losse, levende bodem
Laat bladeren voor je werken
Gevallen blad hoef je niet allemaal af te voeren. Op zandgrond is een laag bladmulch tussen vaste planten en struiken juist waardevol: het houdt vocht vast, beschermt wortels tegen vorst en verteert langzaam tot humus. Eikenblad, dat je in deze regio veel tegenkomt, verteert traag en verzuurt iets, wat prima is onder heesters die van zure grond houden.
Op het gazon hark je bladeren wel weg, omdat het gras er anders onder verstikt. Verzamel ze in een eenvoudige bladkorf van gaas, dan heb je over een jaar zelfgemaakte bladaarde.
Houd het weer goed in de gaten
In Zuidoost-Drenthe kan het na een zachte dag ‘s nachts flink afkoelen. Vooral in open, lager gelegen tuinen blijft koude lucht hangen, waardoor vorst eerder toeslaat dan je zou verwachten. Kuipplanten zoals olijf, oleander en citrus zet je daarom het liefst binnen zodra de nachttemperatuur richting het vriespunt zakt. Dahliaknollen haal je uit de grond nadat het eerste blad door vorst zwart is geworden.
Een lokale weersverwachting helpt je om op tijd te handelen. Voor het weer van de komende zeven dagen en nieuws uit de omgeving kun je bijvoorbeeld kijken op Odoornonline, zodat je weet wanneer een koude nacht eraan komt. Houd ook rekening met harde wind in het najaar: bind jonge bomen vast en controleer of boompalen nog stevig staan.
Plant nu voor het voorjaar
De herfst is plantseizoen. Bomen, heesters en hagen met kale wortel of in een kluit slaan in de nog warme grond goed aan en profiteren van de regen in de wintermaanden. Kies op zandgrond soorten die tegen droogte kunnen, zoals haagbeuk, krent, gewone vlier, brem of inheemse heideplanten. Geef ze bij het planten een flinke scheut water en wat compost in het plantgat.
Ook bloembollen gaan nu de grond in. Krokussen, sneeuwklokjes en botanische tulpen doen het goed in lichte grond en verwilderen vaak na een paar jaar. Plant ze ongeveer twee tot drie keer zo diep als de bol hoog is, en liefst voordat de grond echt koud wordt.
